De lijn van mijn levensgeluk gaat stabiel omhoog. Als kind was ik al enthousiast maar in de loop der jaren komt er ervaring en diepgang bij. Natuurlijk ervaar ik ook tegenslagen, maar als het slecht gaat wordt het voor mij pas echt interessant. Dan maak ik van de nood een deugd, of beter gezegd van de nood een noot.
Veel mensen kennen mij van mijn optredens met draaiorgel en trompet in mijn bootje de Notendop. Het is nu voor het eerst dat ik niet mag optreden. Als ik met mijn bootje door Amsterdamse grachten zou varen en mensen komen bij elkaar om te kijken en te luisteren kan ik zelfs een boete krijgen. Wie weet hoe lang dit gaat duren? Ik mis de mensen om me heen. De glimlach van de één daar gaat het om. Dat er zomaar iets gebeurt wat verwondert en raakt. Ik zou er neerslachtig van kunnen worden maar ik kijk liever hoe ik er iets interessants van kan maken zodat het opeens een andere wending krijgt.
Mensen worden gelukkig als ze mee kunnen met verandering in hun leven. Je kan je vastbijten in iets en daar dogmatisch aan vast houden. Maar je kan ook iets tegen komen wat veel beter bij je past. Als ik niet meer mag optreden dan ga ik voor nu even varen door mijn eigen animatiefilm: ‘Een dag uit het leven van een watermuzikant’. Ik heb reeds mijn hele leven na laten bouwen in miniatuur en vanochtend nog had ik een gesprek met een animator. Er komt altijd wel iets nieuws waarvan ik denk: ‘Ooh yes’!
Is dat niet een heel groot goed als je ouder wordt, dat je zorgt dat je in je element kan blijven? Dat je in ieder geval met iets bezig bent dat je prikkelende energie oplevert. Dat je kan denken: ‘Dit heb ik altijd gewild! En nu ben ik zo blij dat ik ermee bezig ben.’ Dan gaat het niet om het resultaat. Het spel is belangrijker dan de knikkers. Ook de mislukte projecten zijn waardevol omdat het spel onafhankelijk is van het resultaat.
Ik heb elk jaar een thema. Dit jaar is het: ‘Alles uit de kast.’ Dat heeft niets te maken met mijn seksuele geaardheid. Ik had gewoon nog veel projecten in de kast liggen en dat vond ik zo zonde. Door ze opnieuw ‘uit de kast’ te halen en ermee aan de slag te gaan wil ik waarde geven aan de energie die er al is ingestoken en aan de mensen die erbij betrokken waren. Een thema hebben heeft niets te maken met een goed voornemen, maar het heeft alles te maken met het besef dat succes geen garantie is om gelukkig te worden. Als je het niet kan delen dan wordt het zelfs iets verschrikkelijks. Een thema geeft me handvatten om mezelf te motiveren. Om telkens weer open te staan. Zonder thema kom ik niet toe aan gedurfde projecten. Het geeft me focus. Ik verheug me nu al op de thema’s van de komende jaren.
Rusten op behaalde successen werkt niet. Ik heb zo veel succesvolle mensen om me heen gezien die met hun drie huizen bezig waren en met lijstjes afvinken. Zo veel zorgen en druk is toch verschrikkelijk. Ik wil vrijheid! Ik wil openstaan. Niets moeten. En als er al iets moet, dat je daar heerlijk van kan afwijken. Zo wil ik oud worden: Dat er geen verwachtingen aan vastzitten. Mezelf laten verrassen door wat er op een dag zo allemaal gebeurt.
Ik ben op dit moment een boek aan het lezen: De dood van Elke Veldkamp. Ze beschrijft het zoals ik het ervaar. Ik geloof niet, ik vertrouw. Het is toch een eer dat je in een land zoals Nederland mag wonen waar je je eigen ideeën kan uitwerken. De materialen heb ik al: mijn bootjes, trompetten, de orgels en mijn kunde. Dan is het toch luxe dat je door kan werken tot je doodgaat? Hoe lang kan ik het volhouden om het draaiorgeltje te draaien? Ik zit nu al te denken aan een kraan. Zoals uit Pluk van de Petteflet. En dan hijs ik mezelf met rolstoel en al aan boord. En trompettisten kunnen het lang volhouden. Kijk maar naar Clark Terry (hij is 95 jaar oud geworden, red.)
We zijn er met elkaar om het leven te vieren. En als het afgelopen is dan wordt mijn bootje mijn kist. In de Notendop kan ik prima liggen. Hoe leuk is het om dan nog een keer door de grachten te varen, met livemuziek. Gewoon dat ik begeleid wordt en dan naar de begraafplaats. Als mijn boot te groot is voor het gat, dan zagen ze er maar een stukje af. Maar voor nu is het nog lang niet klaar. Dit is nog maar het begin.
Reinier Sijpkens, 1961
