Ik heb 4 kinderen, 9 kleinkinderen en 7 achterkleinkinderen. Een van mijn kleinzonen heb ik gedeeltelijk mee opgevoed. Daar heb ik nog steeds een bijzondere band mee. Soms vraagt hij me wat ik nog wil in mijn leven en dan denk ik ‘dat weet ik niet, misschien wil ik wel helemaal niets meer.’ Wie weet is het raar dat er geen grote wensen meer zijn, maar het geeft ook ontzettend veel rust.
Een lang leven ervaar ik als rijkdom. Door ervaring leer je te relativeren. Ik kan steeds beter afstand nemen en mezelf observeren. Wat zijn mijn gedachtes en wat voelt mijn lijf daarbij? Wil ik die gedachte houden? Daarom vind ik mindfulness ook zo belangrijk. Desondanks denk ik soms nog steeds dingen die ik helemaal niet wil denken. Die gedachtes komen zo maar binnen. Neem bijvoorbeeld discriminatie. Dat is op dit moment heel actueel. Ik discrimineer… soms, en dan besef ik dat ik dat helemaal niet wil. Maar het zit gewoon in je systeem of het hangt in de lucht of het zit in de cultuur. Daar moeten we echt aan werken. Ieder mens is gelijkwaardig.
Ik hou van mijn vriendinnen en mijn familie maar ik ben ook vriendjes met mezelf en kan heel goed alleen zijn. Helaas heb ik niet met alle kleinkinderen evenveel contact. De meesten wonen ver weg en iedereen is bezig met zijn carrière en zijn eigen gezin. Dat vind ik soms jammer, maar ik kan natuurlijk ook zelf actie ondernemen. Dat appen is hiervoor trouwens ideaal. Ik kreeg net een foto binnen van mijn zevende achterkleinkind. Dat maakt me blij. Als je ergens zelf iets aan kan doen dan moet je dat doen. Maar zo niet, dan laat het los. Dat mag! Het belangrijkste is dat je tevreden bent en je zegeningen telt. Dat geeft een gevoel van vrede in je hart.
Ik ben niet religieus maar wel spiritueel. Gister had ik nog een fijne discussie met iemand over hoe je in het leven kan staan, wat je godsbeeld is, en waar je steun aan hebt. Dat vind ik heel boeiend en interessant. Ik ben nog een beetje actief in de kerk. Dat zou ik nu eigenlijk los moeten laten, want het is niet meer mijn weg. Maar ik ken daar zo veel lieve mensen waar ik van hou en die het allemaal zo goed bedoelen. Dus ik blijf nog eventjes.
Ouder worden gaat schoksgewijs. Het is een hele tijd hetzelfde en opeens gaat iets niet meer. Met fietsen ben ik bijvoorbeeld gestopt omdat ik bang ben om te vallen. Ik heb twee nieuwe heupen en wil geen risico nemen. De toenemende onzekerheid als je ouder wordt is trouwens vervelend. Het kan heel beperkend zijn. Maar het ligt ook aan jezelf om je steeds opnieuw uit te dagen. Je bent wat je denkt.
Ik ben nu 86 jaar oud en bereid me erop voor dat er een einde komt. We kunnen niet eeuwig leven en dat is prima. Maar dat betekent niet dat ik binnen afzienbare tijd dood wil en zeker niet door Corona. En paar weken geleden werd ik gebeld door de assistentie van mijn huisarts. Of ik naar het ziekenhuis wilde als ik ziek zou worden. Mijn antwoord was ‘Ja’, ik leef alleen en moet toch verzorgd worden. Vervolgens vroeg ze of ik gereanimeerd wilde worden. Zo maar, out of the blue. ‘Ja’ dacht ik ‘ zoals ik nu in het leven sta wil ik waarschijnlijk wel gereanimeerd worden.’ ‘Wilt u euthanasie?’, was de volgende vraag. Voelde best bizar dat er van mij verwacht werd om er op zo’n moment een beslissing over te nemen. Daar bedankte ik dus voor en ik vroeg me vervolgens af: ‘Is dit nou het nieuwe normaal?’
Ans Wartenbergh, 1934